Ontmoet de genomineerden voor de NN Art Award 2026: Fiona Lutjenhuis

Dit jaar viert de NN Art Award haar tiende editie. De jaarlijkse stimuleringsprijs van €10.000 gaat naar een getalenteerd kunstenaar die een opleiding in Nederland afrondde en werk presenteert op Art Rotterdam (27-29 maart in Rotterdam Ahoy). De vakjury nomineerde vier kunstenaars: Fiona Lutjenhuis (Galerie Fleur en Wouter), Tina Farifteh (Gallery Vriend van Bavink), Mandy Franca (Night Café Gallery) en Kyra Nijskens (Prospects / Mondriaan Fonds). Van 14 maart tot en met 25 mei 2026 is het werk van alle genomineerden te zien in Kunsthal Rotterdam.

I Flourish Into Chaos, 2024 | Installatiebeeld van de tentoonstelling 'Ankhmania' in 1646 | Foto: Jhoeko

De jeugd van Fiona Lutjenhuis werd gevormd door een uitzonderlijke context: ze groeide op in de Malva-sekte, een religieuze gemeenschap in een Brabants dorp, die ze op haar zestiende achter zich liet. Deze gesloten sekte putte uit een eclectische mix van theosofie, esoterische kosmologie, geheime genootschappen en overtuigingen over bovennatuurlijk en buitenaards leven. Lutjenhuis vertaalt deze ideologische erfenis en persoonlijke herinneringen naar een hybride beeldtaal, die ze voedt met archiefonderzoek. Haar werk is geen letterlijke reconstructie, maar een symbolische en poëtische hervertelling, vaak met een dosis humor, om zo grip te krijgen op haar verleden. Dat levert werken op die vaak zowel een speels als grimmig element hebben. Voor Lutjenhuis is haar praktijk een manier om haar uitzonderlijke jeugd te herinterpreteren zonder daar een waardeoordeel aan te verbinden. Ze benadert de wereld vanuit een rationeel, autonoom en agnostisch wereldbeeld, maar behoudt tegelijkertijd een spirituele nieuwsgierigheid naar wat er mogelijk zou kunnen bestaan.

I Flourish Into Chaos, detail 1, 2024 | Uit de tentoonstelling 'Ankhmania' in 1646 | Foto: Jhoeko

In Kunsthal Rotterdam presenteert Lutjenhuis bijvoorbeeld twee grote kamerschermen met de titel ‘I Flourish Into Chaos’ (2024). Op de panelen verschijnen de leiders van de sekte als roofvogels: uilen en een havik. Zwevende gebouwen met opengewerkte wanden tonen scènes uit haar familiegeschiedenis, waarin mensen zijn weergegeven als statische Japanse kokeshi-poppen. Die beeldtaal is niet toevallig: de Malva-sekte eigende zich regelmatig elementen toe uit verschillende religieuze en culturele tradities. Het alziende oog dat op de schermen terugkeert, verwijst naar Geza-4, de planeet die binnen de sekte werd gezien als uiteindelijke toevlucht. 

De kunstenaar maakt vaker werken die een zekere huiselijke geborgenheid oproepen, waaronder een vogelhuisje en een beschilderde lichtblauwe bedconstructie met de veelzeggende titel 'Family Trip'. Het bedframe verandert hier in een zandbak met kleine zandkastelen, waardoor het meubelstuk zijn huiselijke functie verliest en letterlijk verandert in een beladen landschap. Het oeuvre van Lutjenhuis wordt bevolkt door menselijke, dierlijke en buitenaardse gedaanten en raakt aan thema’s als geloof, macht en onderwerping.

Fiona Lutjenhuis | foto: Natascha Libbert

Fiona Lutjenhuis werd in 1991 geboren in Zevenaar. Ze studeerde aan ArtEZ University of the Arts in Arnhem en was daarna resident aan de Rijksakademie van Beeldende Kunsten in Amsterdam. Haar werk was eerder te zien in Stedelijk Museum Amsterdam, Het Noordbrabants Museum, 1646, het Dordrechts Museum, op Schiphol, tijdens de H3H Biënnale en in Drawing Centre Diepenheim. Haar werk bevindt zich in de collecties van onder andere de AkzoNobel Art Foundation, Museum Helmond en Schunck Glaspaleis.

Fiona, kun je ons wat meer vertellen over het werk dat je presenteert op Art Rotterdam en in Kunsthal Rotterdam?
Het werk dat ik op Art Rotterdam laat zien is een installatie met een combinatiemeubel als bed, met een klamboe, schilderijen, beelden en knuffels. Voor deze presentatie kies ik bewust voor een setting waarin ik me het meest veilig voel en waar ik me, zelfs op een kunstbeurs, even kan terugtrekken. De verbeeldingen op de schilderijen zijn gebaseerd op dromen die me zijn bijgebleven: een wereld tussen slapen en waken, een plek waar ik graag ben en waar regels kunnen worden vervormd. Als ik eenmaal wakker word, ben ik vaak teleurgesteld dat alles weer wordt bepaald door sociale, politieke en natuurlijke regels. Ondanks het feit dat ik veel nachtmerries heb houd ik toch ook erg van slapen, aangezien de wereld dan meer fluïde is, als een vorm van ontsnapping. Er worden drie schilderijen gepresenteerd waarin dromen worden afgebeeld. 

AgnusDeities, 2024 | Installatiebeeld van de tentoonstelling 'Ankhmania' in 1646 | Foto: Jhoeko

Voor Kunsthal Rotterdam heb ik twee kamerschermen in gedachten, die samen het werk ‘I Flourish Into Chaos’ (2024) vormen. Deze twee schermen heb ik gemaakt vanuit de tien entiteiten van andere planeten die centraal stonden in het religieuze gedachtegoed van mijn ouders. De entiteit waar het meest over werd gesproken was Meester Ankhmania. De meesters, ook wel de wachters genoemd, zijn op de achterzijde verbeeld als kegelvormen. 

Binnen de schermen ontvouwt zich een dennenbos bevolkt door vogels, waaronder roofvogels en een uil. De uil wordt opvallend genoeg niet tot de roofvogels gerekend. De vogels staan voor de entiteiten die in vogels zouden schuilen. Ze houden ons vast als poppen. De poppen in de zwevende huisjes verbeelden metaforische scenario’s uit ons huishouden. De combinatie van vogels en poppen verbeeldt voor mij het gevoel dat ik werd beschermd, maar tegelijkertijd ook werd gecontroleerd. Vanuit angst voor het onbekende hoopte ik dat de entiteiten van andere planeten eruit zouden zien als vogels. 

De oostelijke invloeden die vaak in mijn werk terugkomen hebben een duidelijke oorsprong. Als kind was ik ervan overtuigd dat mijn vorige leven zich ergens in Azië had afgespeeld. Mijn vader beaamde dat idee: hij zou in een vorig leven in Schotland hebben geleefd en mijn moeder in Frankrijk of Spanje, waar ze als heks werd bestempeld. Absurd natuurlijk, maar binnen mijn kinderlijke fantasie en de context waarin ik opgroeide voelde dit volkomen normaal.

I Flourish Into Chaos, detail 2, 2024 | Uit de tentoonstelling 'Ankhmania' in 1646 | Foto: Jhoeko

Daarnaast heb ik een sterke voorkeur voor Japans, Zuid-Koreaans, Thais en Chinees design. Wat mij bijvoorbeeld aantrekt is dat in Zuid-Korea kunst en design niet van elkaar worden gescheiden. Dat vind ik een realistische manier om naar cultuur te kijken: als een geheel waarin geloof, kunst en het dagelijks leven met elkaar verbonden zijn. Bij de kamerschermen heb ik ook gekeken naar hun oorsprong. Die zijn vanuit China naar Europa gekomen en daar gaandeweg verwesterd. Beide werken bevatten vrij intieme verwijzingen naar mijn eigen werelden en die van mijn ouders en de religieuze sekte. Door deze verwijzingen op een speelse, kinderlijke manier weer te geven, hoop ik mezelf te kunnen sussen en het geheel draaglijker te maken.

Wat zijn je plannen voor 2026?
Dit jaar ben ik begonnen met het bundelen van tekeningen, samen met uitgeverij Terry Bleu. Dat boek zal in maart verschijnen. Daarnaast werk ik aan twee presentaties in het buitenland, al kan ik daar op dit moment helaas nog niets over delen. 

Verder ben ik bezig met het afstrepen van alles wat ik nog graag wil doen. Ik vind het belangrijk om het werk te realiseren dat ik echt wil maken, zonder later spijt te hebben dat ik het nooit heb gedaan. Ik werk daarvoor ook veel samen met andere kunstenaars en makers, waarbij we onze ambachten combineren en elkaar uitdagen. Daardoor worden grenzen steeds verlegd. 

Vanuit die samenwerkingen zal ook een nieuwe, vrije presentatie ontstaan. Daarin is experiment een pré. Voor mij als kunstenaar is het de drijfveer om de motor draaiende te houden.

Schets: Breakfast backhaul, Death with all its colours, 2026

Kun je beschrijven hoe je je voelde toen je hoorde dat je was genomineerd voor de NN Art Award?
Ik voelde me vereerd, maar ook een beetje opgelaten, omdat ik kort daarvoor ook werd genomineerd voor een andere prijs [de Prix de Rome, red.]. Tegelijkertijd ben ik dankbaar dat ik als kunstenaar een plek mag innemen en mijn fantasie en de horror daarin mag vertegenwoordigen. Het stemt me gelukkig dat ik met dit werk word verwelkomd in de kunstwereld.

Welk project zou je onmiddellijk oppakken als je de award zou winnen?
Ik zou graag zelf een tentoonstelling samenstellen met andere makers en kunstenaars, vanuit projectmatige collectieven. Waar ik echt van droom zijn grote installaties waarin anderen onze werelden kunnen betreden. Want voor mij geldt: één werk is een half werk. Ik maak graag series met meerdere lagen en contexten, waarin allerlei verhalen ontstaan. Ik zou daarom graag een show realiseren waarin veel werk samenkomt, met ruimte voor anderen die daarin ook een plek innemen. Die tentoonstelling zou ik zelf willen cureren.

De winnaar van de NN Art Award 2026 wordt bekendgemaakt op vrijdag 27 maart in Kunsthal Rotterdam. Tijdens deze feestelijke avond zijn alle tentoonstellingen, inclusief de NN Art Award tentoonstelling, vrij toegankelijk voor genodigden.

Geschreven door Flor Linckens

Art Rotterdam mailing list

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

Aanmelden