I am always a copy, never a fake - Aurelia Mihai over LUPA, haar film over de Lupa Capitolina
Als alle wegen naar Rome leiden, zoals het gezegde wil, dan is het omgekeerde ook waar. Dan is Rome ook een startpunt. Dat geldt in ieder geval voor de stichtingsmythe van de eeuwige stad. Volgens de overlevering werd Rome gesticht door Romelus en Remus, de tweelingzonen van de Romeinse god Mars. De jongens besloten een stad te stichten op de plek waar ze werden gevonden door een wolvin.

De beeltenis van deze mythe is misschien nog bekender: de bronzen sculptuur van een waakzame wolvin met twee babies als zuigelingen, beter bekend als de Lupa Capitolina. Ze staat op het Roomse stadswapen en bronzen kopieën van het beeld bevinden zich over de hele wereld: van Pisa tot Tokio en van Bucharest tot Perth.
De Roemeense videokunstenaar Aurelia Mihai maakte LUPA, een film over de Lupa Capitolina, en de kopieën van het beeld die zich overal ter wereld bevinden. Het is een goede introductie tot het werk van Mihai, die in haar werk regelmatig iconische kunstwerken opvoert. Daarbij draait het niet alleen om de werken, maar ook over de plek en de waarde die we er collectief aan toekennen. Die betekenis kan namelijk van plaats tot plaats verschillen en over tijd veranderen.
LUPA van Aurelia Mihai is te zien in Projections. Aurelia Mihai wordt vertegenwoordigd door Sector 1.
Ik heb met veel plezier naar LUPA gekeken. De film draait om de kopieën van de Lupa Capitolina die over de hele wereld te zien zijn. Waarom koos je juist dit werk voor Art Rotterdam?
De beslissing om LUPA voor het eerst in Nederland te tonen tijdens Art Rotterdam werd gezamenlijk genomen. LUPA is een complex project dat verschillende hoofdonderwerpen van mijn praktijk samenbrengt: het verweven van cultuurhistorisch onderzoek met actuele maatschappelijk relevante thema’s zoals migratie, verbondenheid en postkolonialisme, evenals het onderzoeken van monumenten en mythen als vormen van collectieve identiteit.
Het verhaal van de film omspant afstanden over verschillende continenten, van historische tijden tot het heden. Het omvat ook artistieke discoursen over originelen en replica’s en reflecteert op het medium kunst zelf.

Lupa vertelt de film en zegt op een bepaald moment: ‘I am always a copy, never a fake.’ Als kijker voel je meteen dat deze zin de kernboodschap is. Wat is de boodschap die je probeert over te brengen?
Hier verwijst Lupa naar haar eigen oorsprong. Tijdens restauratiewerkzaamheden in 2007 werd ontdekt dat de techniek die werd gebruikt om het bronzen beeld van de Capitolinische Wolvin te maken, niet bestond in de Etruskische periode. Daarom werd het beeld opnieuw gedateerd op de 11e–12e eeuw, in plaats van de 6e eeuw voor Christus, zoals eerder werd aangenomen.
Experts denken dat de Capitolinische Wolvin een replica is van een verloren gegaan Etruskisch origineel. De twee kinderen, Romulus en Remus, werden in de 15e eeuw tijdens de Renaissance toegevoegd. Vervolgens beweerde de internationale pers dat de Lupa een middeleeuwse vervalsing was of van haar voetstuk was gevallen.

De vraag is of dat terecht is, want bronsgieten roept de vraag op of brons niet al een reproductietechniek is, aangezien het proces gebaseerd is op reproductie. Met andere woorden: eerst wordt een positief model gemaakt en vervolgens vernietigd om de negatieve vorm te creëren die nodig is voor het bronsgieten. Uiteindelijk wordt in deze negatieve vorm een nieuw positief in brons gegoten. Dat wordt beschouwd als het origineel, maar het kan ook worden gezien als een bronzen kopie van het oorspronkelijke prototype.
De film LUPA onderzoekt de historische ontwikkeling van dit iconische symbool – dat zowel een monument als een mythe is – en volgt haar reis over de wereld. Door deze bril analyseert de film de ontvangst van dit monument na de herdatering in 2007, maar ook in de huidige postkoloniale context. Daarbij laat de film zien dat Lupa van iedereen is en herinnert ze ons aan haar symbolische waarde.
De Lupa Capitolina is een iconisch kunstwerk. Dat geldt ook voor het suprematistische Zwarte vierkant in de gelijknamige videowerk en voor de Zuil van Trajanus in je film Centi Piedi. Toch gaan de films slechts gedeeltelijk over deze iconische werken. Ze gaan ook sterk over de manier waarop ze worden bekeken en over de functie die wij, als samenleving, eraan toekennen. Dat is een terugkerend thema in je werk. Wanneer besefte je dat dit een onderwerp kon zijn voor je praktijk?
Vanaf het allereerste begin was ik geïnteresseerd in precies dit narratief, gebaseerd op het proces van reflectie op een onderwerp door de tijd heen. Daarom koos ik video en film als expressiemedium voor de hierboven genoemde werken.
En bij LUPA? Bij LUPA interesseerde me de notie dat monumenten en mythen deel uitmaken van ons collectieve bewustzijn. Monumenten behoren tot de openbare ruimte, terwijl mythen tot het immateriële erfgoed behoren. Ze dienen om geschiedenis of mythologie op te roepen en bevatten een narratief, een verhaal uit het verleden waarin historische feiten met fictie kunnen worden verweven. De geschiedenis en betekenis van monumenten kunnen in de loop van de tijd worden herschreven en hangen samen met het herschrijven van geschiedenis. Ze kunnen een ideologie overbrengen en propagandistisch van aard zijn. Monumenten kunnen worden misbruikt, vergeten en opnieuw ontdekt.

Een ander belangrijk aspect is dat de Capitolinische Wolvin over de wereld migreert en wordt opgenomen in verschillende samenlevingen en plaatsen, waarbij zij in elke context haar eigen betekenis krijgt — soms vergelijkbaar, soms verschillend en zelfs tegenstrijdig.
Vanaf het begin wist ik dat het werk niet alleen over de Lupa Capitolina of het Zwarte Vierkant zou gaan, maar ook een hedendaags narratief zou worden dat actuele sociaal-culturele en politieke kwesties belicht. Ik construeer verhalen in meerdere lagen, waarbij het medium film zelf vaak een van die lagen vormt.
Kan je de context en de uiteenlopende interpretaties van de Lupa Capitolina schetsen - wat zijn de verschillen tussen Boekarest en Tokio bijvoorbeeld?
Er staan drie bronzens standbeelden van de Romeinse wolvin in Tokio, waarvan er twee zich op openbare plaatsen bevinden. Het eerste staat in een park en werd in 1938 geschonken door de Italiaanse regering; het tweede werd in 2001 door de stad Rome geschonken ter gelegenheid van de vijfde verjaardag van het stedenpartnerschap tussen Tokio en Rome. Het derde standbeeld werd aangeboden aan kroonprins Akihito van Japan tijdens zijn bezoek aan Rome in juli 1953.
De gemeente Rome schonk het Lupa-standbeeld aan Boekarest in 1906 ter viering van de 40e verjaardag van de kroning van koning Carol I van Roemenië en de 1.800e verjaardag van de Romeinse verovering van Dacië.

Twee scènes in de film benadrukken het belang van de monumenten in de twee steden. In Tokio vertelt een grootmoeder aan haar kleinzoon de legende over het ontstaan van Rome. In Boekarest vertelt de wolvin haar eigen geschiedenis:
“Sinds ik in 1906 in Boekarest aankwam, ben ik vijf keer verplaatst, om uiteindelijk weer naar dezezelfde plek terug te keren. Ik heb twee wereldoorlogen en de dictatuur van Ceaușescu ongedeerd overleefd. In de Moldavische hoofdstad Chișinău liep het anders af. Het Sovjetleger vernietigde mij in 1945 als vermeend symbool van het fascisme. Ik belichaamde de Latijns-Romeinse wortels van het Moldavische volk en de Roemeense taal. Ze smolten mij om om er wapens van te maken.”
De film creëert zijn eigen werkelijkheid door momenten van interactie met de sculpturen in scène te zetten alsof het een roadmovie is – een reis door tijd en ruimte.
Ik kan me voorstellen dat het maken van een korte film als LUPA veel tijd kost. Het vraagt veel middelen en reizen. Wat was het meest uitdagende onderdeel van het realiseren van dit project?
Inderdaad, het was een zeer complex project dat meerdere jaren in beslag nam. Het onderzoek was intensief en het verkrijgen van filmvergunningen in musea en verschillende landen, evenals het organiseren van reizen, was zeer tijdrovend. Ik had echter een heel goed team en kreeg veel steun van instellingen in Rome, zoals de Villa Massimo van de Duitse Academie.
Geschreven door Wouter van den Eijkel